3×2 minuten

Een driestemmige herdenking

Persoon 1: de taptoe-speler | Persoon 2: een vluchteling | Persoon 3: onze politieke medemens


1: Oh, ze hebben allemaal mijn valse noot gehoord! Een jaar lang oefenen en toch die onzekere tril erin geslopen…

3: Kransen leggen. De verhalen van de overlevenden lezen. De namen van de slachtoffers opnoemen. En de daders dan? Wanneer gaan we de daders noemen? Ik wil de slachtoffers nooit vergeten, maar laten we de namen van de daders buutvrij halen dankzij het verstrijken van de tijd?

1: Nou ja, ze hebben de valse noot alleen gehoord omdat ze de muziek door en door kennen. Dat is de kracht van herhaling. Dankzij het ritueel herkennen we wanneer er iets mis is. (Neuriënd:) Pam-pa-dum. Pam-pa-(valse noot).

2: Ik kan me de laatste keer dat de wereld zo stil was niet herinneren. Een dictator, twee oorlogen, drie valse paspoorten, vijf grensposten, de Middellandse Zee. Allemaal overleefd. Voor wat? Om zes dagen per week in een magazijn te werken? Toiletartikelen te sorteren? WC-verfrissers in dozen te stoppen? Als ze me nu dood zouden schieten zou ik nog te moe zijn voor mijn eigen begrafenis.

1: Morgen schrijven de kranten: taptoe-speler gaat de mist in. Morgen gaat de vis d’r in — zegt mijn moeder altijd over de kranten. Wat dat betreft is iets benoemen alleen niet genoeg om het je te herinneren.

2: De laatste tijd is het steeds vaker alsof ik niet wakker kan worden, de dag in kan komen. Alsof ik gewaterboard word in mijn remslaap. De ergste straf, zeiden ze, is verdrinken. Maar de loopplank van dit schip is een lopende band. De ergste straf is niets erg meer vinden. Dat is de kracht van herhaling. Zodra je op je automatische piloot overgaat, kunnen ze alles met je doen.

3: Zonder daders lijkt een misdaad een natuurverschijnsel. Een ongelukkige samenloop van omstandigheden. Een systeemfout, wie zal het zeggen. Eerst ontkenden ze de holocaust. Toen dat niet meer werkte, begonnen ze het te bagatelliseren. Keer op keer, zodat we vanzelf zouden denken dat er wel een kern van waarheid in moest zitten. Dat is de kracht van herhaling. En daarom moet het herdenken ook herhaald. Als tegengif.

1: Over 100 jaar weet niemand nog dat ik een blunder maakte, laat staan hoe ik heette. Ja, maar daar heb ik helemaal niks aan als ik morgen op de kazerne kom. O mijn god, hoe kon ik zo dom zijn.

3:  Hannah Arendt zei dat de ideale onderdaan van de totalitaire maatschappij niet de overtuigde nazi is, noch de overtuigde communist, maar de mens voor wie het onderscheid tussen feit en fictie… niet langer bestaat. Maar wat als het onderscheid tussen feit en fictie nog wel bestaat, maar zonder gevolgen blijft? We benoemen de leugens, krijgen gelijk — en er gebeurt niets. We vinden de oorzaak, schrijven de waarheid — en er gebeurt niets.

2: Kop op, zeggen ze. Schouders d’r onder. Morgen weer een dag. Allemaal goedbedoelde adviezen. Maar troost is niet alleen iemand die zegt ‘het komt goed’. Het kan ook iemand zijn die zegt ‘ik weet hoe erg het is’.

3: En dan die ondraaglijke paradoxen die me dagelijks uiteen trekken. We moeten trots zijn op Spinoza, maar we mogen geen filosofie studeren. We stellen onszelf voor als een baken van vrijheid en beschaving, maar zijn boos als mensen er heen willen komen. We dragen politici die de Neurenbergprocessen diskwalificeren onder de noemer van vrijheid het parlement in. Wat is je vrijheid waard zonder rechtvaardigheid?

1: Ik vraag me af welke namen ze over 100 jaar nog wel kennen. Of ze nog steeds twee minuten stilte zullen houden. Of er nog steeds muzikanten voor het oog van de natie het gewicht van de geschiedenis zullen dragen.

2: Twee oorlogen, vijf grensposten, de Middellandse Zee. Voor wat? Al die mensen die niets van vrijheid weten die roepen dat ze iets van vrijheid weten. Je gaat pas iets van vrijheid weten wanneer je niets van vrijheid mag weten. Vroegen zij mij maar om advies.

1: Misschien dat er over 100 jaar wel nieuwe oorlogen zijn geweest, met nieuwe slachtoffers om te herdenken. Nieuwe rituelen. Pfoe, daar kan ik me nog helemaal niks bij voorstellen.

3: We benoemen de leugens, krijgen gelijk — en er gebeurt niets.

We vinden de oorzaak, schrijven de waarheid — en er gebeurt niets.

2: Mijn advies zou zijn: bereid je voor op het allerergste, maar vergeet niet om ook op het beste te hopen.

1 (neuriet stukje einde van taptoe): Pam——pa—dam.

3: Wat is je waarheid waard zonder slagvaardigheid?

1 (zacht): Pam-pa-dum.

2: Je voorbereiden op het ergste. Nooit vergeten op het beste te hopen.

1&3: —

2: Je voorbereiden op het ergste. Nooit vergeten op het beste te hopen.


Bekijk hieronder de lezing van Het Nationale Theater: