Herdenking

Een sneeuwstorm valt altijd in het niet bij de gedachte
aan een sneeuwstorm. Ja: koud. Ja: wind. Maar niet
de tijdloze ervaring van een blinde wereld, niet
het stil zetten van de maalstroom, geen stormoog
vol spierwitte gratie. 

Toen stond opeens de zomer voor de deur.
De eerste hitte zonder jou. Rouw bleek een schokkerige
achtervolgingsscène in een duistere steeg
op een stralende dag. Hoe hier opeens in het donker
in de zon, waar ik je eindeloos mis loop?

In het midden van een menigte die de huid afwerpt
om verder te zwermen krijg ik je terug. Eerst in flitsen,
dan gedachten aan jou zo compleet
als een rijzig recept, dwarrelen lang genoeg
om weer eens af te dwalen, als in de periferie
van een sneeuwstorm die iets goeds verwoestte.

Ik kom er niet uit. Je valt nooit in het niet.